Differentiatie in de klas

Gemiddelde leestijd: 5 minuten

Aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling. Een ideaalbeeld waar elke leraar voorstander van zal zijn. In klassen van 30 leerlingen (met 7 of 8 verschillende klassen in het VO) is het effectief omgaan met verschillen tussen leerlingen echter een hele uitdaging. Er is simpelweg te weinig tijd om leerlingen individueel te bedienen. Toch betekent dit niet dat je dan noodgedwongen hoeft te vervallen in een one-size-fits-all manier van lesgeven. Differentiatie in je les geeft al een wereld van verschil. Juist ook in grote (onrustige) klassen met grote verschillen in niveau. Leerlingen worden namelijk rustiger en leren beter als je aansluit bij hun behoeften en hun niveau. Ook hoeft het je niet veel extra tijd te kosten; sterker nog, op termijn scheelt het je veel tijd en bakken met energie.

In deze blog vertel ik je over wat differentiatie in de klas betekent en waarom je het zou willen doen. Vervolgens deel ik een aantal praktische manieren om een start te maken met differentiatie in jouw les. Tot slot geef ik ook nog een aantal tips die de kans op succesvol differentiëren vergroot.

Wat is differentiatie in de klas?

In essentie is differentiatie het omgaan met verschillen tussen leerlingen. Als je hier effectief op inspeelt, zullen leerlingen met meer plezier leren en beter scoren. En dit geldt zowel voor het basis- als voortgezet onderwijs. Ook binnen een havo of vwo klas zijn de verschillen tussen leerlingen vaak aanzienlijk, zowel qua niveau als qua manier van leren.

Wat mij betreft is het onze opdracht om zoveel mogelijk recht te doen aan de verschillen tussen leerlingen.

Manieren om differentiatie toe te passen

Ondanks dat er op het internet lijstjes te vinden zijn met 50 of zelfs 100 manieren om differentiatie toe te passen in de les, kun je grofweg drie hoofdvormen van differentiatie onderscheiden:

  1. Differentiatie in instructie
    De fase van de les waarin je uitleg geeft, is zeer geschikt om differentiatie toe te passen. Het komt erop neer dat niet iedereen dezelfde (lengte van) uitleg krijgt. Er zijn immers altijd leerlingen die minder behoefte hebben aan jouw uitleg en tegelijkertijd zijn er natuurlijk ook leerlingen die juist meer uitleg behoeven.
    In dit licht kun je de klas bijvoorbeeld opdelen in twee of drie groepen, al naar gelang hun niveau. Groep 1 kan direct zelfstandig aan het werk, groep 2 volgt de reguliere uitleg en groep 3 krijgt naast de reguliere uitleg nog een verlengde instructie. Dit laatste komt in het basisonderwijs (PO) veel vaker voor dan in het voortgezet onderwijs (VO).
    Overigens is het ook nog leuk om leerlingen aan te sporen de instructie op hun eigen manier om te zetten in aantekeningen. Leerlingen die bijvoorbeeld graag tekenen, kunnen jouw uitleg omzetten in cartoons of andere tekeningen. Dit werkt voor deze groep beter dan bulletpoints overschrijven en kan ook voor andere leerlingen erg verhelderend werken als de tekeningen worden gedeeld.
  1. Differentiatie in verwerking
    Na de uitleg, volgt vaak de fase waarin leerlingen de theorie gaan toepassen met verwerkingsopgaven. Menig docent roept dan iets als: “jullie gaan nu opgave 1 t/m 9 maken’. Bij differentiatie laat je leerlingen veel meer zelf kiezen wat ze doen en hoe ze het doen. Zo selecteer ik zelf vaak verplichte opgaven voor iedereen en optionele opgaven voor leerlingen die meer oefeningen nodig hebben. Ook kun je onderscheid maken in keuze-opdrachten (al naar gelang interesse) of extra verdiepende opdrachten. Belangrijk is overigens wel dat je aan alle leerlingen duidelijker communiceert wat het leerdoel is van de les. Verder kun je bovengemiddelde leerlingen tijdens de verwerking ook als hulp-docent inschakelen om andere leerlingen verder te helpen, vooral de leerlingen in de eerder genoemde groep 3.
    Ook kun je leerlingen de keuze geven of ze liever individueel (soms zelfs afgezonderd van de rest) of in groepsverband werken. Voor de introverte leerling kan dit een uitkomst zijn. Voor docenten die helemaal los willen gaan op het gebied van vrij keuzes maken in leren, is een genius hour project een geweldige optie. En kies je er bewust voor om de hele klas hetzelfde te laten doen? Varieer dan in werkvormen. Verandering van spijs doet eten.
  1. Differentiatie in leertijd
    Vanzelfsprekend leert niet elke leerling even snel. De ene leerling gaat sneller door de leerstof heen dan de andere. Het is in dat kader behulpzaam om in te spelen op de hoeveelheid tijd die leerlingen nodig hebben voor het verwerken van de lesstof. Zo kun je ervoor kiezen om niet elke leerling evenveel opdrachten te laten maken (zie ook punt 2) en buiten de les om kun je zwakkere leerlingen als extraatje een keer de eerstvolgende uitleg laten volgen (bijvoorbeeld met een filmpje), zodat ze de stof in de les daarop al voor de tweede keer uitgelegd krijgen. Dit noemt men ook wel pre-teaching.

Deze vormen van differentiatie bieden ontzettend veel mogelijkheden om jouw leerlingen meer op hun eigen manier en hun eigen niveau te laten leren. Daarnaast maak je (een deel) van de leerlingen veel minder afhankelijk van jou als docent en kun je jouw energie inzetten op de plek waar deze het hardst nodig is.

Tips voor succesvolle differentiatie

Natuurlijk zul je in de praktijk merken dat er ook potentiële beren op de weg zijn bij het toepassen van differentiatie. Daarom deel ik graag nog wat praktische tips uit mijn eigen onderwijskeuken, zodat jij met een gerust hart een start kan maken met differentiëren in jouw les.

  • Besteed aan het begin van het schooljaar veel tijd en energie aan het opzetten van een strakke organisatie en klassenmanagement.
  • Neem de tijd om je leerlingen te leren kennen voordat je differentieert. Verzamel eerst structureel data, met bijvoorbeeld cijfers en observaties. En vraag ook jouw leerlingen zelf naar hun leervoorkeuren en affiniteit met jouw vak.
  • Begin klein en kies eerst maar eens één manier van differentiëren. Uitbouwen kan altijd nog.
  • Sla de handen ineen en zoek differentiatie partners. Samen ontwikkelen is leerzaam en gaat veel sneller.
  • Reflecteer samen met jouw leerlingen over de door jou gekozen werkwijze, zodat je samen kunt leren en verbeteren. Het gaat immers om hun leerervaring, niet de jouwe 😊. Regelmatig een socrative quizje geeft veel inzicht.
  • Durf te experimenteren en fouten te maken.
  • Zorg dat je altijd extra activiteiten achter de hand hebt, voor leerlingen die sneller leren. Dat mag natuurlijk ook gewoon zijn dat ze hun tijd aan een ander vak besteden.
  • Verdiep je ook eens in genius hour of flipping the classroom

Ik hoop dat ik je met deze blog handvatten heb gegeven om differentiatie in jouw onderwijs een plek te geven. Veel plezier en stel in de comments gerust vragen.

– Christiaan

Vraag: differentieer jij weleens, en zo ja, op welke manier?

Ik zou het leuk vinden als je hier beneden een reactie achterlaat.

Meer lezen? Wat mij betreft is ‘differentiation in middle & highschool‘ een aanrader.

  • Daphne schreef:

    Hi Christiaan,

    Als beginnende leerkracht (zij-instromer, september gestart) zijn dit soort blogs een handig handvat om inzichten en vertrouwen mee te vergaren. Vooral ook te lezen dat niet alle theorie zaligmakend is en dat het onderwijs eigenlijk deels ook ‘trial and error’ is.

    Met jouw tips over differentiatie wil ik in ieder geval na de herfstvakantie proberen te starten wanneer ik inderdaad nog iets meer inzicht heb ik de kennis en kunde van mijn leerlingen (groep 4). Wel zie ik een grote uitdaging in het zelfstandig werken terwijl een andere groep (verlengde) instructie krijgt. Gedrag en onrust speelt een grote rol en stil zijn is zo’n beetje het moeilijkste wat ze moeten doen ;-). Mocht je daar nog tips over hebben, dan lees ik ze graag in een volgend blog.

    Groeten,
    Daphne

    • Hoi Daphne,
      Leuk dat je reageert! En goed om te horen dat je na de herfstvakantie met differentiatie aan de slag wilt gaan. Hopelijk geven mijn tips je een beetje houvast 🙂 .

      Ik kan me verder goed voorstellen dat je het als een uitdaging ziet om van de ene groep te verwachten dat ze zelfstandig werken (zonder de tent af te breken), terwijl jij met de andere groep bezig bent met een verlengde instructie. Ook als je straks wat ervarener bent, blijft dit (als je het mij vraagt) een uitdaging (afhankelijk van wat voor groep je voor je hebt). Ik zit nu 10+ jaar in het onderwijs en ik heb ook nog steeds klassen waar het hard werken is om differentiatie in instructie tot een succes te maken. Misschien inderdaad voer voor een toekomstige blog.

      Maar ook hier bij de reacties kan ik je wel wat tips geven. In z’n algemeenheid is het vooral belangrijk om op voorhand de voorwaarden te scheppen om leerlingen rustig en geconcentreerd te laten werken, zodat jij je aandacht kan geven aan de leerlingen die het nodig hebben. Concreet denk ik dan aan:

      – zorg dat het voor alle leerlingen tot in detail duidelijk is wat er van ze verwacht wordt en welke taken er liggen. Maak dit zowel verbaal duidelijk, als dat je de instructies/taken op het bord zichtbaar maakt. Onduidelijkheid over wat er gedaan moet worden, is een garantie voor onrust.

      – investeer veelvuldig in een goede relatie, zodat leerlingen meer bereidheid hebben om te doen wat jij vraagt. Dat gaat twee kanten op; leer hen kennen, maar laat jezelf ook door hen kennen. Vertel over jezelf, laat zien wie je bent en wat je belangrijk vindt.

      – werk met een klassenplattegrond en bepaal (als het nodig is) zelf waar leerlingen zitten. Als ik denk dat het in het belang van een of meerdere leerlingen is om op een andere plek te zitten, breng ik veranderingen aan in de plattegrond. Het doel is dan dat ze zich beter kunnen concentreren en/of andere leerlingen minder afleiden. Leerlingen vinden het niet altijd leuk (want het is zo gezellig naast hun vriend of vriendinnetje), maar uiteindelijk zijn ze dankbaar dat je ze ‘helpt’. Uit zichzelf zullen ze (meestal) namelijk geen andere plek opzoeken, aangezien sociale factoren vaak prioriteit hebben. Ingrijpen in de klassenplattegrond kan de sfeer en de werkhouding in ieder geval radicaal (ten goede) veranderen.

      Voor mij werken bovenstaande tips als een trein, hopelijk helpt het jou ook 😊 .
      Succes alvast voor na de herfstvakantie!
      Groeten,
      Christiaan

  • Hans van Oers schreef:

    Hallo Christiaan,

    Dank voor je blog over differentiëren. Ik zit bij dit soort dingen altijd met één probleem of uitdaging zoals je wilt. Ja, je kunt leerlingen die goed zijn meteen aan de slag zetten. Maar dan zijn ze ook eerder klaar. En dan? Nog een opgave is geen beloning voor deze leerling. Een ander vak? Ik weet niet of ik dat fijn vind.

    Dan heb je ook nog de leerling die graag voor zichzelf werkt, maar geen inzicht heeft in zijn eigen leerling. Anders gezegd, er zijn veel leerlingen die niet weten wat ze niet weten. Daar ben jij voor als leraar om dat bij ze duidelijk te maken door ze fouten te laten maken. Bij differentiëren kom je dan helemaal handen te kort om dit na te gaan. Het leren dus zichtbaar te maken. In de onderbouw gaat dat nog wel, omdat leerstof meer op onthouden en begrijpen is gericht. Maar in 6 vwo gaat het ook inzicht en toepassen. Dat is moeilijk voor leerlingen.

    Als hulpdocent inzetten kan wel werken, maar daar moet het ook de leerling naar zijn. Bovendien is mijn ervaring vaak dat leerlingen na een kwartier een break in de les nodig hebben. Langer zelf werken is vaak niet effectief.

    Tot slot, de zwakkere leerling filmpjes laten zien thuis of extra laten oefenen. Ja dat kan, maar ook daar speelt het vooruit schuiven een rol. Je moet vinger aan de pols houden om te zien of ze het echt wel doen. Handen te kort dus als je zoals ik 180 leerlingen uitsluitend in bovenbouw havo en vwo (economie) heb.

    Wat ik nog wel eens wil doen is hardop denken (in tweetallen de één laten luisteren en de ander de opgave hardop laten maken om zo de aanpak van een vraag te oefenen) of in groepen op cijfer (zie Effectief Leren) met rolverdeling een opgave laten maken. Maar ook daar is het lastig. Als leerling in een groep de voorzitter zijn is toch een lastige en spannende rol.

    Ik klink negatief, dat wil ik niet zijn, maar ik weet niet hoe ik dit met zeven klassen voor elkaar krijg. Ik heb ook maar 24 uur in een dag en wil ook wel eens iets anders.

    Hans

    NB. Ik ben echt fan van je blog. Die speeddate is voor mij een blijvertje.

    • Dag Hans,
      Dank voor je reactie. Ik denk dat veel docenten, vooral in het VO, soortgelijke kanttekeningen plaatsen bij differentiëren. Mede daarom is het superfijn dat je dit deelt. Dat geeft de mogelijkheid om erover na te denken en erover te sparren.
      Na het lezen van je reactie heb ik vandaag maar liefst zes lesuren (met ook allemaal bovenbouw havo/vwo) de tijd gehad om eens rustig over je tekst na te denken :-). Zonder dat ik direct met kant-en-klare oplossingen komen, roept jouw verhaal het volgende bij mij op:

      – Ook in het VO met 7 klassen kun je in ieder geval in de instructiefase differentiëren. Desnoods eens in de week of iets dergelijks (elke les is misschien ook niet eens zinvol). Dan geef je een groepje verlengde instructie van 5 of 10 minuten; de snellere leerlingen zullen dan waarschijnlijk nog niet klaar zijn met hun taken. Als je alleen dit al doet, zonder enige andere vorm van differentiatie, behaal je denk ik aardig wat (leer)winst. Voorwaarde is hier wel dat je klassenmanagement op orde is, zodat de leerlingen waar je op dat moment geen oog voor hebt, de tent niet afbreken.

      – Een belangrijk lesdoel is voor mij dat leerlingen hun leerdoelen behalen en dat dit op een of andere manier gecheckt wordt nadat de leerlingen klaar zijn met het verwerken van de stof. In het geval van die snelle leerlingen die soms al (ruim) voor het einde van de les klaar zijn, heb ik dan vaak 5 of 10 multiple choice vragen klaarliggen om te checken of ze echt kennis van zaken hebben. Ik besef dat dit niet altijd afdoende is om te testen of leerlingen de stof echt volledig doorgronden, maar het geeft in ieder geval een indicatie. Wanneer leerlingen de MC vragen goed hebben beantwoord, en het leerdoel is bereikt, dan is het wat mij betreft voor hen de missie van de betreffende les geslaagd en kunnen de leerlingen iets anders doen (bijv. anderen helpen, vooruit werken, een ander vak doen etc.). Wanneer leerlingen meermaals de fout ingaan bij de MC check, beseffen ze vaak ook dat ze bepaalde dingen toch minder goed weten dan ze dachten. Uitdaging hierbij is wel dat ik niet altijd direct de tijd heb om hun MC antwoorden te controleren. In die zin is het dan ook een beetje vertrouwen geven door ze zelf na te laten kijken en ze enigszins de ruimte te geven om zelf verantwoordelijkheid te pakken.

      – Ook bij de zwakkere leerling die al dan niet een opgegeven filmpje kijkt, geldt wat mij betreft dat ze ook zelf verantwoordelijkheid hebben om iets wel/niet te doen. Doen ze het uiteindelijk niet, dan is dat hun eigen keuze. Ook dat is een leerproces voor ze.

      – leerlingen (te) lang zelfstandig laten werken werkt bij mij ook lang niet altijd. Ik probeer daarom ook te variëren in werkvormen, zodat (met name de slimmere) leerlingen niet meerdere lessen achter elkaar alleen maar zelfstandig werken. Verlengde instructie of andere vormen van differentiatie pas ik dus ook zeker niet elke les toe.

      – het inzetten van leerlingen als hulpdocent is in mijn ervaring ook niet voor alle leerlingen hun favoriete hobby. Soms hebben ze een beetje stimulans nodig om het toch te doen en net even uit hun comfort onze te stappen. Als ze dit dan toch doen, krijgen ze van mij dikke vette complimenten en een high five. Terwijl ik dit schrijf, bedenk ik me ook dat je dit soort taken/activiteiten kunt koppelen aan gamificatie. Gebruik makend van iets van een punten systeem (bij economie is nepgeld erg leuk) kun je ze ‘betalen’ voor de activiteit. Met genoeg punten kunnen leerlingen dan iets kopen (een les vrijaf, het recht om een spiekbrief van 5 vierkante centimeter te mogen maken of wat dan ook).

      – persoonlijk zie ik differentiatie niet als een heilig doel dat overal en altijd toegepast dient te worden. Zeker in de drukke vaart der volkeren van 7 bovenbouw klassen, zul je soms ook gewoon moeten roeien met de riemen die je hebt en daar past differentiatie niet altijd in (maar zeker wel soms!). En ook ben ik blij met elke mogelijkheid om toch te differentiëren, hoe klein deze ook mag zijn. Die gedachte haalt voor mij ook de druk eraf en zorgt ervoor dat ik me niet zo snel laat overweldigen door de grote hoeveelheid leerlingen.

      Mijn antwoord op jouw reactie is bijna alweer een blog op zichzelf haha :-). Ik hoop in ieder geval dat mijn verhaal jou ook weer aanknopingspunten geeft.

      En ik ben benieuwd of andere collega’s nog tips voor ons hebben.

      Hartelijke groet,
      Christiaan
      P.s.: fijn om te horen dat je mijn blog graag volgt 🙂 !

      • Hans schreef:

        Hallo Christiaan,

        Dank voor de uitgebreide reactie. Eigenlijk kan ik heel kort zijn in mijn reactie: als ik jouw tekst zo lees, dan doe ik meer aan differentieren dan ik zelf dacht. Dan doe ik eigenlijk al aan verlengde instructie. Zo help ik leerlingen wel eens verder, maar geef ze ook de mogelijkheid om verder te mogen werken als ze vraag wel begrijpen. Elkaar helpen doe ik vaak in groepsopdrachten. En als een leerling snel klaar is, dan pak ik weliswaar geen MC-vragen, maar kijk wel of de leerlingen het ook echt gemaakt heeft, of maar iets snel heeft neergezet. In die zin controleer ik ook de leerdoelen. En als dat allemaal goed zit, dan is iets anders doen bij mij ook geen probleem. Maar het blijft lastig.

        Groeten,
        Hans

        • Eens, differentiatie (net als zoveel andere dingen in het onderwijs) blijft een uitdaging, maar dat houdt ons vak dan ook spannend en divers 🙂 .
          Leuk in ieder geval om van je te horen hoe jij het doet.

  • >
    Share
    Tweet
    WhatsApp
    Email